beeldende kunst
Samenwerking langs de Seine
Aan de voet van het Parijse Musée du Quai-Branly, op de promenade langs de Seine van de pont d’Iéna tot en met de passerelle Debilly, tonen 70 niet-westerse fotografen ruim 400 foto’s op de manifestatie Photoquai (fotokade). Deze eerste biënnale van beelden van de wereld werd geïnitieerd door Musée du quai Branly. De fotografen komen uit Brazilië, China, Cambodja, Iran, Australië en zijn voor het merendeel, met uitzondering van Sebastiao Sagaldo, onbekend in Frankrik. De foto’s zijn hedendaags zonder exotisme, noch armoedig. Tien musea langse de Seine en enkele ambassades doen mee aan de manifestatie. Tot en met 25 november 2007. (Uit NRC d.d. 03-11-07)
Nieuw museum als ‘hub’ voor experimenten
Op 1 december heropent het New Museum in New York in een nieuw en nu al spraakmakend gebouw in het zuidelijk deel van Manhattan. Het sobere ontwerp is van Kazuyo Sejima and Ryue Nishizawa van het Japanse architectenbureau SANAA die ook verantwoordelijk zijn voor de Kunstlinie in Almere en het 21st Century Museum of Contemporary Art in de West-Japanse stad Kanazawa. Ter gelegenheid van deze heropening Museum start het museum het project ‘the Museum as Hub’. Dit betreft een internationaal museaal samenwerkingsproject met Insa Art Space (Seoul, Zuid-Korea), Townhouse Gallery (Caïro, Egypte), Van Abbemuseum (Eindhoven, Nederland), and Museo Tamayo Arte Contemporáneo (Mexico City, Mexico). Deze vijf instellingen zullen het komende jaar gezamenlijk museale experimenten uitvoeren op de bovenste verdieping en in de theaterzaal van het nieuwe museum en bij de betreffende buitenlandse partners.
Publiek mag museummuren bekrassen
Sinds de opening van de tentoonstelling van de Amerikaanse kunstenaar Rudolf Stingel in de Whitney Museum in New York, hebben vele duizenden bezoekers de muren van het museum bekrast en daarmee hun sporen achtergelaten. Door zilverfolie als behang te gebruiken werd iedere aanraking zichtbaar. In een andere context was dit een collectieve daad van vandalisme geweest, zoals de namen die door mensen zijn achtergelaten op de wanden van Egyptische tempels en in de bast van bomen. In dit geval was het echter de nadrukkelijke wens van Stingel dat het publiek met een scherp voorwerp, of simpelweg met een vingernagel, de muur zou aantasten om daarmee autoriteit van de kunstenaar (en die van het museum) ter discussie te stellen.
Bekijk een multi media presentatie van de tentoonstelling (New York Times, in het Engels)
